Start   Artikelen   Rehabilitatie-Centrum   Video's   Grote-Verzoendag 

 Contact 
 Landkaarten   Russische-Liederen 

'Mama Atie' geliefd bij Russische gevangenen


Haar armen gaan breeduit. Het gezicht straalt: "Ze hoeven daar toch niet bang voor mij te zijn?" Het is een retorische vraag uit de mond van Atie de Koning-Bos. De opmerking heeft met haar postuur te maken -- ze is klein en tenger - als ook met het feit dat ze een vrouw is. Aan de orde zijn de bezoeken die de 51-jarige verpleeg-
kundige aflegt aan Russische gevangenen en de angst die ze eventueel zou inboezemen bij de leiding van de kampen waar deze mensen zijn ondergebracht. Haar drijfveer is het brengen van de Blijde Boodschap. "God heeft een specifieke liefde voor dat land in mijn hart gelegd", aldus de overtuiging van de Woerdense, die inmiddels bij de kampen hartelijk wordt begroet als 'Mama Atie' .Volgende week gaat ze weer, naar een tbc-kamp in Siberië. Een gesprek aan de vooravond ervan.

Naast de bekers met koffie zet de gastvrouw in haar woning aan de Woerdense Talmalanen een schaaltje met koekjes en chocolaatjes neer. "Pak maar als je zin hebt:" Atie de Koning lacht even. "Dit is dus op z'n Russisch. Meestal krijg je hier éé koekje geserveerd en daarna gaat de trommel dicht. Daar is dat dus niet zo." Ze beschrijft de situatie bij arme mensen waar ze te gast is geweest. "De meubels waarop ze zitten zouden hier bij het oud vuil op straat staan. Maar voor de bezoeker is de tafel altijd gul gedekt." Ze vervolgt: "Je moet nog uitkijken dat je niet te enthousiast over iets in huis doet, want binnen de kortste keren heb je het voorwerp in je tas. De gastvrijheid gaat erg ver." Atie maakte het persoonlijk vele malen mee. Dat ze niet alles weigerde blijkt uit de Rusland-kamer boven, waar tal van geschenken herinneren aan de reizen die ze heeft ondernomen. "Het zijn bijna allemaal dingen die door de mensen zelf zijn gemaakt. Veel houtsnijwerk, dat is daar een geliefde bezigheid. Aan elk artikel zit een verhaal." We richten ons eerst op haar persoonlijke verhaal. Atie blijkt te zijn opgegroeid in Hilversum, telg in een gezin met zeven kinderen. Op haar zeventiende ging ze het huis uit voor de opleiding in de verpleging, in Almelo. Aan de arm van haar echtgenoot, een onderwijsman uit Nieuwerkerk aan de IJssel, kwam ze zo'n 25 jaar geleden naar Woerden. "Piet is hier leraar Nederlands aan het Kalsbeekcollege" legt ze uit. Atie werkte een poosje in de gezinszorg en vervolgens in de bejaardenzorg als Alpha-hulp. Sinds elf jaar heeft ze een parttime baan in het Hofpoort Ziekenhuis op de kinderafdeling.

Verdriet
Zij is moeder van drie kinderen- twee dochters en een zoon. Drie jaar geleden moest ze de oudste van het stel, dochter Fleurine verliezen. "Ze zou kortgeleden 27 jaar zijn geworden." Ze wijst op een serie kaarten, op het tafeltje in de hoek. "Van haar vrienden en vriendinnen. Lief he? Die herdenken nog steeds haar geboortedag." Atie praat openhartig over het verdriet dat ze moest meemaken. "Zoiets trekt diepe sporen in het gezin." Met een ernstig gezicht gaat ze er verder op door. "Fleur had een leuke baan; ze werkte op een accountantskantoor in Woerden. Het was een sportieve meid, vooral actief met atletiek. Nadat ze in Spanje op vakantie was geweest, werd ze ziek. Geelzucht, was de diagnose. Maar het bloed was helemaal niet in orde en verder onderzoek wees uit, dat er sprake was van de ziekte van Hodgkin; kanker, in een ver gevorderd stadium. Ze zucht even. Ingrijpend hoor. Het eerste jaar vooral. We waren kind aan huis in het ziekenhuis. Daarna kwam er een periode van rust, maar het jaar daarop ging het dus helemaal mis." Atie kwam zelf in de problemen gedurende die rustperiode. "Het ergste was, dat ik niet meer kon slapen. Verschrikkelijk. Ik ben toen ook een poosje uit het werkproces geweest, heb de tijd genomen voor mezelf en dat is goed geweest. Achteraf gezien, heb ik me toen op het komende verdriet kunnen voorbereiden waardoor de verwerking makkelijker ging." Ze vertelt veel steun te hebben gehad aan haar naaste omgeving, aan het geloof en niet in het minst aan het neerschrijven van haar gedachten. "Schrijven is voor mij heel belangrijk. Dat doe ik dus ook al jaren. Schrijven is ademhalen. Een maand lang de pen niet kunnen pakken, is een ramp. Dan word ik onrustig. vervelend. Er gaat in feite geen dag voorbij of ik schrijf. Wat ik schrijf?" Ze pauzeert even. "Geen gedichten of zo. Nee, het zijn voornamelijk brieven. Brieven aan vrienden en brieven aan mensen die later vrienden worden."

Atie de Koning aan de praat in haar Rusland-kamer
Rusland
Atie zegt als kind al bepaalde gevoelens voor Rusland te hebben gehad, al wist ze toen nauwelijks waar het lag. "Dat kwam door mijn vader. Die kon prachtige verhalen vertellen over Rusland, Het ging er dan vooral om hoe moeilijk de gelovige mensen het er hadden. Als je daar als christen uitkwam voor je geloof, liep je het risico in de gevangenis te belanden. Toen heb ik al gedacht: als ik groot ben, ga ik de mensen daar helpen.", Ze vertelt het glunderend eh memoreert een voor haar gevoel duidelijk moment van' roeping, een paar jaar later. "Ik had een film gezien, was een jaar of twaalf denk ik, en die ging over de opvang van oud-gevangenen in de maatschappij. Ik ging toen in gebed op mijn knieën en vroeg God te laten merken of ik inderdaad later zendingswerk zou kunnen gaan doen, tussen deze mensen. En er kwam een lichtvlek op de muur, waarmee het voor mij duidelijk was." Ze verhaalt het als een soort getuigenis. Zo'n twintig jaar geleden besloot ze voor de verwezenlijking van haar ideaal eerst maar eens Russisch te gaan leren. "Ik had drie kleine kinderen, was druk met het gezin, maar had toch ook nog wel tijd om er iets bij te doen. Aan de Volksuniversiteit in Woerden gaf toen een vrouw afkomstig uit Minsk les in haar taal 'en bij haar ben ik begonnen. Moeilijk hoor. Wist je dat je als het ware twee alfabetten hebt? Je gebruikt zelf bij het schrijven van een woord andere tekens dat de letters die gedrukt worden. Best lastig dus. Ik heb bij haar zowel lezen als schrijven geleerd." Ze grinnikt. "We begonnen met een groep van 25 mensen en op het einde van de cursus waren er drie over. Te weinig dus voor het volgende jaar. Toen heb ik verder nog drie jaar lang privé lessen genomen", aldus 'de ijverige Woerdense, die vervolgens nog voor een maand een cursus in Petersburg volgde. "Dat heb ik samen met mijn zusje Riet gedaan. Was heel leuk, vrij ruim opgezet, met aandacht voor cultuur en taal, maar ook voor vriendschap met de bevolking." Ze vertelt hoe génant ze alle twee de situatie toen vonden: "Wij logeerden in een hotel, hadden lekker te eten, terwijl om het gebouw heen volop werd gebedeld. Je begrijpt dat er geregeld stiekem maaltijden buiten de deur gingen." In 1981 bezocht Atie Rusland als toerist, met een reisgezelschap op min of meer gebaande paden."Toen stond het IJzeren Gordijn nog recht overeind en had je als westerling niet veel mogelijkheden." Het was ook omstreeks die periode dat ze brieven ging schrijven naar Rusland. "Dat gebeurde via de stichting Kruistochten, tegenwoordig heet het Open Doors. Die leverde adressen over de hele wereld, in het bijzonder in landen waar geen godsdienstvrijheid is", aldus de Woerdense die tevens vijf jaar lang als vertaalster functioneerde bij de stichting Friedesstimmen in Gouda.

Ze memoreert met een stralend gezicht het bijzondere gevoel toen de eerste brief uit Rusland binnenkwam, tien jaar geleden. "Tot dan toe was er geen sprake geweest van corresponderen. Jij schreef wel, maar kreeg nooit een antwoord. Het schrijven was vooral bedoeld als bemoediging." Nadat het Gordijn voorgoed weggetrokken was kwamen er meer mogelijkheden. "In Gouda is men speciaal op Rusland gericht. Het was voor mij toen het beste huiswerk wat je kon bedenken. Ik had wekelijks zeker tien tot vijftien brieven onder handen. Het aardige daarvan vond ik dat ik hiermee een kijkje kreeg in het dagelijkse leven van de mensen daar."
De eerste brief was afkomstig van een gezin uit de stad Tjeboksari, in de provincie Tjoewasie. "Daar ben ik in de zomer van 1991 naar toe gegaan. Samen met mijn vriendin Willy Matse. Nu kreeg ik de mogelijkheid om Rusland niet als toerist, maar zoals het er werkelijk was, te ervaren. Het leven in de stad en op het platteland, waar het moestuintje wordt gekoesterd en van levensbelang is, alsook de paar kippen en de enkele koe." Vier jaar later zette ze voor het eerst een stap tussen gevangenen, in de provincie Tula. "Ik verbleef er op uitnodiging van een kerkgenootschap daar. Het betrof trouwens niet een gevangenis in de zin van het stenengebouw waar de gestraften zitten, maar een kampement met barakken. En geloof het of niet, maar bij binnenkomst in het kamp, kreeg ik het gevoel: Hier ben ik voor geboren. Dit is het." Haar bevlogenheid betreft de situatie van de gevangenen ter plekke, maar ook de mensen die na het uitzitten van de straf terugkeren in de maatschappij. "Dan beginnen de problemen pas goed." Atie de Koning zag dat er nauwelijks opvang was en besloot te proberen daar iets aan te doen. "Ik ben terug in Nederland een actie begonnen, via Wilde Ganzen en dat is heel goed gelukt. Ik hoorde net dat twee weken geleden van dat geld in Tula een opvanghuis is gerealiseerd. Daar ga ik dus straks even kijken", verzekert ze aan de vooravond van het vertrek naar Siberië, op I september. De Woerdense rept gepassioneerd over. haar evangelisatiewerk, in Rusland. Ze draagt de gedrevenheid tevens uit met lezingen. Voor wie meer wil weten over haar ervaringen, even contact op nemen.


  Terug naar Artikelen menu